Prostitutiebeleid: Dialoog der Doven

 

http://www.vn.nl/Archief/Politiek/Artikel-Politiek/Prostitutiebeleid-dialoog-der-doven.htm

 

De politieke discussie over prostitutie ontbeert elke feitelijke onderbouwing, blijkt uit nieuw wetenschappelijk onderzoek. ‘Symboliek is belangrijker dan de realiteit.’

Door Harry Lensink / David Hompes

We roepen maar wat als het om prostitutie gaat. Zo letterlijk staat het er niet, maar zo kan je de conclusie uit het onderzoeksrapport van de kennisorganisatie Platform31 wel lezen.

In samenwerking met de gemeenten Rotterdam, Utrecht en Den Haag deed een team onder leiding van Hendrik Wagenaar, hoogleraar town and regional planning aan de Universiteit van Sheffield, drie jaar lang onderzoek naar prostitutiebeleid in Nederland en Oostenrijk, landen met een vergelijkbare situatie. In het binnenkort te verschijnen rapport (de betrokken gemeenten moeten eerst nog reageren) schetsen de onderzoekers een discussie waarbij er in ‘schrille morele termen’ vaak heftig wordt gedebatteerd over prostitutie, maar zonder feitelijke onderbouwing. ‘Symboliek is belangrijker dan de realiteit. Het debat is een “dialoog der doven”.’

Het team van Wagenaar interviewde 129 sekswerkers (vijfentachtig in Oostenrijk en vierenveertig in Nederland; volgens de onderzoekers een representatieve steekproef) en deed daarnaast een poging om de omvang van prostitutie vast te stellen. Een lastige klus, want prostituees zijn extreem mobiel; wie vandaag in Amsterdam werkt, kan morgen in Groningen achter het raam zitten of zijn verkast naar Hamburg. Het onderzoek gaat uit van een voorzichtige schatting dat er in de vier grote steden in Nederland dagelijks 2200 sekswerkers actief zijn. Het in de discussies vaak genoemde getal van 30.000 in heel Nederland is volgens Wagenaar ‘zeer waarschijnlijk overtrokken’.

De geïnterviewde sekswerkers vertelden onder meer waarom ze in de prostitutie zijn beland. Het overgrote deel noemde financiële omstandigheden, schulden, de behoefte aan luxe en de afwezigheid van enig perspectief in het land van herkomst. Slechts tien procent verklaarde zich gedwongen te voelen. De onderzoekers beweren verder dat sekswerkers doorgaans een weloverwogen keuze maken ‘in een situatie die wordt gekenmerkt door een sterk ingeperkt levensperspectief in het land van herkomst’.

Grote impact

Ook Nederlandse beleidsmakers deden hun verhaal. Het waren interviews die voornamelijk gingen over de bestrijding van mensenhandel. Dat onderwerp bepaalde de afgelopen jaren namelijk het debat over prostitutie, meldt het rapport. ‘Het was vooral het Sneep-onderzoek (een omvangrijke mensenhandelzaak van de politie en het Openbaar Ministerie die in 2006 begon, red.), waarbij er sprake was van brute en gewelddadige exploitatie, dat een grote impact had op de Nederlandse beleidswereld.’ Die strafzaak – en vooral de daaruit voortvloeiende berichtgeving in de media – heeft het denken over prostitutie veranderd, schrijven de onderzoekers. ‘Sindsdien wordt in politieke kringen openlijk de vraag gesteld of het Nederlandse prostitutiebeleid niet op de verkeerde weg is en andere, meer repressieve oplossingen noodzakelijk zijn.’

De nieuwe prostitutiewet is volgens het Platform31-rapport dan ook ‘een logische stap in dit proces van herbezinning’. Het wetsvoorstel ligt op dit moment ter goedkeuring bij de Eerste Kamer. Minister Opstelten van Veiligheid en Justitie wil onder meer dat alle sekswerkers zich laten registreren. Steden als Amsterdam en Utrecht zijn groot voorstander van de nieuwe wet. Want het is nu een ondoorzichtig en crimineel zootje in de rosse buurten, bordelen en massagesalons. Dat is althans is het breed uitgedragen beeld in de media en de politiek.

Foto: Marco Okhuizen/HH Foto: Marco Okhuizen/HH

Maar die verplichte registratie is omstreden. Wie straks in Nederland met betaalde seks zijn brood wil verdienen, moet ingeschreven staan in het landelijk register. De vrouwen dienen zich te melden bij de gemeente waar ze willen gaan werken. Na overleg van een identiteitsbewijs worden ze ingeschreven en krijgen een uniek registratienummer. Bij de inschrijving zullen ambtenaren proberen in te schatten of een vrouw wordt gedwongen. Als er aanwijzingen van misbruik zijn, worden die aan de politie gemeld. Bordelen en andere seksbedrijven mogen straks alleen nog maar werken met geregistreerde sekswerkers. Het register heeft ook consequenties voor de klant. Die moet zeker weten dat de prostituee die hij bezoekt is aangemeld. Wie dat niet doet, loopt het risico op een gevangenisstraf.

No way!

Hoe effectief is dit plan van de minister? Sekswerkers, hulpverleners en rechtsdeskundigen menen dat met name de verplichte registratie de privacy van vrouwen aantast, de maatschappelijke positie van de prostituee ondergraaft en kwetsbare groepen benadeelt. ‘Registratie maakt vrouwen die zich daaraan onttrekken strafbaar, het criminaliseert ze,’ zegt Marieke Ridder van Soa Aids Nederland. ‘Maar prostitutie heeft zo’n stigma dat vrouwen bang zijn voor de consequenties van registratie. Dat maakt ze kwetsbaar en moeilijker bereikbaar.’ De Rode Draad, het voormalige kennis- en informatiecentrum voor prostituees, ondervroeg in 2011 ruim 800 prostituees. Ze reageerden bijkans allemaal negatief op registratie, zegt oud-medewerker Alexandra van Dijk, die tegenwoordig met haar Buro Brycx adviseert over prostitutiebeleid. ‘Dan hoorde je een Hongaarse vrouw zeggen: no way! Wat gebeurt er als dat straks ook bekend wordt bij de Hongaarse autoriteiten? Daar is prostitutie strafbaar. Dan kom ik het land niet meer in.’

De huiver om officieel bekend te staan als sekswerker is groot, terwijl anderzijds registratie geen garantie vormt tegen mensenhandel. Volgens Marjan Wijers van de Vereniging voor Vrouw en Recht dreigt zelfs het tegenovergestelde. ‘Er is een kans dat juist slachtoffers van mensenhandel zich – gedwongen door hun pooiers – zullen laten registreren, terwijl de mondige, zelfstandige prostituees registratie zullen vermijden, omdat ze hun privacy en veiligheid willen beschermen. Daarmee creëer je dus een schijn van legitimiteit.’

Net als Wagenaar valt het de critici van het wetsvoorstel op dat de discussie niet wordt onderbouwd met feiten. Desondanks overheerst in het debat het idee dat de meeste prostituees worden uitgebuit door criminelen en dat sekswerkers eigenlijk per definitie slachtoffer zijn. ‘Maar zo zwart-wit is het niet,’ zegt Nieke van der Geld, van Spot 46, een ‘centrum voor seksuele dienstverleners’ in Den Haag. ‘Veel Oost-Europese vrouwen komen hier om zo hun familie te onderhouden. Vaak op aanraden van diezelfde familie. Daarmee zeg ik niet dat ze het graag doen en natuurlijk gebeurt het onder druk, maar het is niet het beeld van slachtoffers die achter de ramen zitten te smeken om hulp en er direct mee willen stoppen. Het is veel ingewikkelder dan dat. Dus bij zo’n registratie vragen: goh, word je gedwongen? Wil je hulp? Zo werkt het niet.’

‘In plaats van machteloosheid zien we bij sekswerkers zelfbeschikking’

Dat concludeert ook het Platform31-rapport. ‘Het publieke debat heeft geleid tot een beeld van de sekswerker als een machteloos slachtoffer van gewetenloze misdadigers,’ schrijft Wagenaar. Maar uit de interviews en uit internationaal onderzoek blijkt dat de keuze van vrouwen voornamelijk wordt bepaald door vrienden, kennissen of familieleden. Die vertellen hun over de mogelijkheden die prostitutie biedt. Ze helpen ook bij de reis naar het bestemmingsland en bij het vinden van onderdak ter plekke. ‘Hoewel er zeker sprake is van gevallen van rekrutering, afhankelijkheid en uitbuiting door misleiding en geweld, laten de interviews zien dat de meeste sekswerkers naar Nederland en Oostenrijk komen op zoek naar een beter leven.’ En als het dan toch misloopt en ze worden uitgebuit, weten zich daar vaak zelf aan te ontworstelen, stelt het rapport. ‘In plaats van machteloosheid zien we zelfbeschikking.’

Schrobbering

Het wetsvoorstel van Opstelten is inmiddels goedgekeurd door de Tweede Kamer, maar wordt in de Eerste Kamer met meer argwaan bezien. Om zijn standpunten kracht bij te zetten, stuurde de bewindsman enkele weken geleden een brief naar de Senaat, waarin hij nogmaals het belang van registratie benadrukt. Ook Hendrik Wagenaar las de brief. ‘Het idee is dat je met regulering meer greep krijgt,’ zegt hij in een telefonische reactie. ‘Maar het effect zal zijn dat door meer regels mensen zich juist aan het zicht onttrekken. Dat is een bestuurskundige wetmatigheid.’ Ondanks de toelichtende brief van Opstelten hebben Kamerleden aangegeven met hun definitieve oordeel te willen wachten tot het rapport van Wagenaar klaar is. Volgende week dinsdag hervatten ze het vorig jaar geschorste debat.

Vooral op het gebied van privacy en effectiviteit twijfelen de senatoren. Wie echter de nuance zoekt, vraagt om objectivering en vraagtekens durft te zetten bij de kabinetsplannen, kan rekenen op een verbale schrobbering van de voorstanders. Dat bleek vorig jaar toen de Senaatscommissie tijdens een hoorzitting meerdere betrokken partijen aan de tand voelde, onder wie de Amsterdamse burgemeester Eberhard van der Laan. Hij is een warm pleitbezorger van registratie, omdat hij meent daarmee de ‘forse misstanden’ in zijn stad beter te kunnen bestrijden. ‘Wij zijn voor dit forse middel omdat wij ons realiseren dat onder onze verantwoordelijkheid iedere dag in de stad honderden gevallen van onvrijwillige seks zijn,’ zei de burgemeester.

Van der Laan irriteerde zich overduidelijk aan de andere sprekers, onder wie de uiterst kritische Marjan Wijers van de Vereniging Vrouw en Recht. De burgemeester: ‘Mij blijft het werkelijk verbijsteren dat bij zulke ernstige nadelen zo gemakkelijk wordt gezegd: dit dreigt niet perfect geregeld te worden, en dus moeten wij het vooral niet doen.’ En Van der Laan was daarmee niet klaar: ‘Er wordt gezegd: bij registratie ligt uitbuiting op de loer. Wij praten hier over een situatie waarin de uitbuiting volop een feit is, en wij bekijken hoe wij die kunnen tegengaan. Ik hoor allerlei dingen die ik gewoon niet begrijp.’ De burgemeester omschreef de stellingen van critici als ‘boud’ en ‘onbewezen’. ‘Ik vind het dus een omdraaiing van de discussie. […] Hoe kun je het probleem al groter maken als je alleen het instrumentenkoffertje beter vult met instrumenten?’

Pijnlijke uitglijder

De emotie overheerste. Van der Laan noemde het werk van prostituees ‘een kwetsbaar beroep’. Dat oordeel had hij mede gevormd na lezing van het boek ‘van de voormalige prostituee Patricia’, liet de burgemeester zijn toehoorders in de Eerste Kamer weten. Het bleek achteraf een pijnlijke uitglijder. Patrica Perquin, de auteur van het boek Achter het Raam op de Wallen, is het pseudoniem van Valérie Lempereur, een journaliste met een dubieuze reputatie. Over het waarheidsgehalte van de publicatie ontstond eerder dit jaar een discussie nadat de Volkskrant onthulde wie de werkelijke schrijver was.

‘Het onderliggende idee lijkt: alle prostituees zijn slachtoffer. Die paar die het vrijwillig doen, dat zijn freaks’

‘Toen ik Van der Laan tijdens de hoorzitting aansprak en zei: als u het niet begrijpt leg ik het u graag uit, zei hij: “Laat maar, ik begrijp u toch niet,”’ vertelt Marjan Wijers een jaar later. ‘Tja. De PvdA heeft van oudsher bevoogdende trekjes in haar streven naar de verheffing van het volk. Het onderliggende idee lijkt toch: alle prostituees zijn slachtoffer, of ze dat nou zelf vinden of niet. Die paar die het echt vrijwillig doen, begrijpen we niet, dat zijn freaks. Daar hoef je niet naar te luisteren. Daarmee diskwalificeer je de hele groep systematisch. Het zijn dezelfde argumenten die ooit werden gebruikt om het vrouwenkiesrecht tegen te gaan: vrouwen zijn dom, emotioneel en doen toch alleen maar wat hun man, in dit geval een pooier, zegt. In ieder geval zijn ze niet in staat om hun eigen keuzes te maken.’

Er is volgens Wijers de laatste jaren een conservatieve beweging in gang gezet, een conclusie die ook Wagenaar trekt in zijn analyse van de beleidsuitvoering. Wijers: ‘Er ligt meer nadruk op strafrecht en repressie. Waar vroeger voor sociale problemen, sociale oplossingen werden gezocht, wordt de oplossing nu in controle en strafrecht gezien. Er is een mythisch geloof in: als we maar weten waar ze zitten dan komt het wel goed. Ik drijf het wel eens op de spits en zeg: laten we dan gelijk een landelijk register van alle homo’s en Joden in Nederland aanleggen om homohaat en antisemitisme te bestrijden. Dan kunnen we ze in de gaten houden en gelijk vertellen dat dat niet mag. Iedereen begrijpt direct dat dat niet helpt en gevaarlijk is. De politieke discussie lijkt gespeend van logica en ratio.’

Zzp’ers zonder rechten

Registratie werkt volgens ‘het veld’ blijkbaar averechts. Maar wat helpt dan wel? Ook daarover zijn de critici het eens: versterk de maatschappelijke positie van prostituees. ‘We hinken in Nederland op twee gedachten. Enerzijds willen we heel open minded en liberaal zijn, anderzijds verzuimen we daarin door te zetten,’ zegt Alexandra van Dijk van Buro Brycx. ‘Bijvoorbeeld door vrouwen de rechten te garanderen die andere zzp’ers ook hebben. Probeer maar eens een arbeidsongeschiktheidsverzekering te regelen als prostituee. Dan krijg je bij de verzekeringsmaatschappij te horen: “O, dat beroep staat niet in ons rijtje.” Idem dito bij veel administratiekantoren en banken, die weigeren prostituees als klant. Men associeert het vak met criminaliteit.’

Een van de heikele punten waar de critici op wijzen is het vergunningenstelsel in Nederland. Het is in veel gemeenten onmogelijk om als zelfstandige vanuit huis te werken. Waar het wel kan, zijn de kosten voor een vergunning heel hoog en wordt de aanvraag gepubliceerd in een lokale krant. Die opgelegde openbaarheid schrikt prostituees af. Daarnaast hebben veel gemeenten de raamprostitutie drastisch verminderd of zelfs helemaal verboden. Het dwingt sekswerkers om hun heil te zoeken in de anonimiteit van bordelen en clubs. Daar zijn ze overgeleverd aan de luimen van de exploitant, die vaak de helft van de inkomsten krijgt en de regels bepaalt. Daartegenover staan nauwelijks rechten voor de vrouwen.

Opnieuw krijgen de critici bijval in het Platform31-onderzoek. ‘We zien nog steeds dat het slecht gesteld is met de arbeidsomstandigheden en rechtspositie in deze sector,’ stellen Wagenaar cum suis. Ondanks verscherpt toezicht zouden exploitanten nog steeds geld inhouden bij prostituees, en zouden vrouwen worden gedwongen contracten te tekenen, onveilig te werken en ongewenste seksuele handelingen te verrichten.

Wagenaar legt de verantwoordelijkheid deels bij de gemeenten. Omdat die een plafond stellen aan het aantal seksbedrijven is er een de facto oligopolie van bestaande ondernemingen ontstaan. Vaak zijn dat de clubeigenaren die zijn groot geworden in de tijd dat prostitutie nog illegaal was. Dat nu zijn juist de types die het allemaal niet zo nauw nemen met de regels en er een schimmige manier van zakendoen op nahouden.

Verder heeft de overheid zich altijd verre gehouden van de arbeidsrelatie tussen exploitant en sekswerker, omdat dat zou behoren tot het domein van het privaatrecht. Op papier is dat een juist standpunt, zegt Wagenaar. ‘Maar het gaat voorbij aan de maatschappelijke werkelijkheid waarin sekswerkers een zeer zwakke positie innemen en ook geen beroep kunnen doen op collectieve belangenbehartiging.’

Foto: Olivier Middendorp/HH Foto: Olivier Middendorp/HH

In andere landen waar prostitutie ook legaal is – Oostenrijk, Nieuw-Zeeland – is het mogelijk voor vrouwen om zelf samenwerkingsverbanden op te richten. Uit het onderzoek van Platform31 blijkt dat het aantal seksbedrijven afneemt in Nederland, met als mogelijke verklaring het strenge lokale beleid, waarbij het steeds moeilijker wordt om een vergunning te krijgen. In vergelijkingsland Oostenrijk is er juist een toename. Volgens de onderzoekers komt dat omdat vrouwen daar door het ontbreken van een vergunningenstelsel vaker een eigen bedrijf opzetten.

Staatspooier

Die situatie zou in Nederland welkom zijn, meent Marjan Wijers. ‘En gemeentes zouden daar een rol in kunnen spelen. Bijvoorbeeld door bedrijfsruimtes aan te bieden en prostituees te helpen coöperaties op te richten. Maar dat gaat de Nederlandse bestuurders te ver. Dan vreest men het negatieve imago van de staatspooier. Dat houdt de overheid trouwens niet tegen om belasting te heffen bij prostituees.’ Ook Alexandra van Dijk toont zich voorstander van een ondersteunende overheid. ‘Zo’n Aleid Wolfsen (de burgemeester van Utrecht, HL) die dan mooie sier maakt met de opschoning van de hoerenbuurt. Nu staan er op het Zandpad dus boten leeg. Ik zeg: laat de overheid die boten exploiteren, verhuren aan vrouwen. Maar die stap wil men niet nemen. Het is dezelfde twijfelachtige houding als bij het coffeeshopbeleid. Ik vind dat je die vrouwen structureel moet helpen. En niet door ad hoc schoonmaakacties te houden in rosse buurten, met een camerateam in je kielzog. Dat is voor de bühne, voor de media en de politiek.’

De dames krijgen steun vanuit de opsporing. ‘Wat echt zou helpen is als prostituees de rechten en de plichten van een normale zzp’er zouden krijgen,’ vindt ook Henk Werson, rechercheur bij de Nationale Eenheid en binnen de politie dé kenner op het gebied van prostitutie. Alom wordt zijn boek De Fatale Fuik aangeprezen als een eye opener over mensenhandel. Werson is overigens voor registratie, maar dan wel in combinatie met maatregelen die de maatschappelijke positie van de prostituee verbeteren. ‘Er zullen nauwelijks vrouwen zijn die voor hun lol met twintig of dertig mannen per dag naar bed gaan. Maar de 1400, 1500 prostituees die ik voor mijn werk heb gesproken, vinden zichzelf echt niet zielig,’ zegt de rechercheur. ‘Neem van mij aan, iemand die drie jaar achter het raam heeft gezeten, wast jou de oren. Wel willen ze dat er wat wordt gedaan! Als de rechten en plichten van deze vrouwen een goed fundament vormen, zouden ze nog trots kunnen zijn op hun beroep als sekswerker.’

Op 28 mei debatteert de Eerste Kamer opnieuw over de nieuwe prostitutiewet.