Zandpad

In de zomer van 2013 sloot de gemeente Utrecht alle prostitutieramen in de stad. Meer dan 300 sekswerkers stonden van de ene op de andere dag op straat en er werd geen vervangende werkruimte aangeboden. Utrecht worstelt nu met de vraag hoe de vergunde prostitutie op een goede manier vormgegeven kan worden.

De gemeente heeft als lokale overheid de verantwoordelijkheid voor een veilige en gezonde prostitutiebranche. Zij moet weten wat er speelt op lokaal niveau. Dat kan alleen door regelmatig te praten met de sekswerkers zelf. En door een betrouwbare partner te zijn voor sekswerkers, die ook hun belangen dient. De gemeenteraad heeft in december 2013 middels Motie M99/2013 opdracht gegeven de raamprostitutie weer op korte termijn mogelijk te maken. We zijn nu anderhalf jaar verder en nog niets opgeschoten. De vrouwen dromen ervan om weer op het Zandpad te werken: ‘Het was veilig en de huur was betaalbaar’.

De sekswerkers hebben nu weinig keuze in Utrecht. Uit het rapport van Dina Siegel (Closing Brothels is Closing Eyes) blijkt dat het slecht gaat met veel van hen. Ze hebben geen werk, schulden en een slechtere gezondheid dan voorheen.  Er wordt nu noodgedwongen vanuit huis, hotel, illegale privéhuizen of op parkeerplaatsen gewerkt. Dit is niet legaal en onveilig bovendien. ‘We willen op een zelfstandige manier werken en met rust gelaten worden’, zeggen ze.

De gemeente Utrecht zou er goed aan doen om de handschoen op te pakken en een goede werkomgeving moeten bieden. Daarbij zijn diverse scenario’s mogelijk. De gemeente kan mogelijkheden bieden voor vrouwen die graag in een collectief (bijv. een coöperatie) werken. Maar ook voor vrouwen die zelfstandig willen werken. Of voor een goede exploitant. Een optie is om als gemeente werkruimten in te richten en beschikbaar te stellen voor sekswerkers die daar (samen of alleen) willen werken. Dat kan –naast ramen- ook in de vorm van besloten prostitutieruimten.

Niet de exploitant, maar een onafhankelijke organisatie zou het intakegesprek met de sekswerkers kunnen houden. Eventueel aangevuld met een informatiedag: ‘Zo werken wij in de prostitutie in Utrecht’. Deelnemers kunnen –als ze willen- begeleid worden langs gemeenteloket, KvK en Belastingdienst. Dat voorkomt bemiddeling door foute types, die daar veel geld voor vragen. Tevens zou de gemeente vrouwen die dat willen kunnen verzekeren bij een gemeentefonds, waardoor ze recht hebben op reguliere sociale voorzieningen. Een arbeidsongeschiktheidsverzekering is nu voor sekswerkers niet te verkrijgen.

In afwachting van de nieuwe prostitutiewet is door de Verenigde Nederlandse Gemeenten (VNG) een Model APV opgesteld voor gemeenten (overigens zonder sekswerkers te raadplegen). Het advies is om gericht beleid te maken voor de groeimarkt van thuiswerkers en escortservices. De uitdaging is om goed te definiëren wat wel en niet mag. En wat precies onder ‘bedrijfsmatige prostitutie’ valt. Duidelijke communicatie over het beleid is noodzakelijk. Nu zoek je je een ongeluk op de website van de gemeente.

Het beleid zou regionaal uitgerold kunnen worden, waardoor het ook in omliggende gemeenten mogelijk is om als sekswerker te werken. Een belrondje langs gemeenten binnen de provincie levert verschrikte reacties op: ‘Werken in de prostitutie binnen ónze gemeente? Dat kan niet’. Samenwerking voorkomt dat gemeenten over gaan tot de zogenaamde nuloptie, waarbij prostitutie niet mogelijk is. De burgemeester van Utrecht ziet het –als voorzitter van de VNG- als een belangrijke opgave om de lokale democratie te versterken. Laat hij daarmee beginnen bij de sekswerkers in zijn eigen stad.